Vandaag was het een relatief korte fietsdag, maar 86 kilometer. Makkie toch? Het bleek mij al met al toch 11 uur in het zadel te kosten. Hoe dat kwam? Tsja... Het begon met een fikse klim, toen met een gesprek over moord en doodslag, vervolgens kwam er een fata morgana in de woestijn, een wildwestrit door het grind en toen een onbereikbaar Oregon trail. Om het in stijl af te ronden was er nog een fikse beklimming aan het eind en toen drinken, heel veel drinken. Samen met F.O.B. Want ja, drinken, dat moet je maar niet te veel in je eentje doen. Halfway is een prachtig western stadje met mooie, oude gebouwen. Ik kampeerde tegenover de fairgrounds op het RV park. Hier worden de rodeo's gehouden. Ik vermoed dat er binnenkort weer eentje staat te gebeuren, want 's avonds werden er allerlei paarden aangevoerd. Halfway ligt in een rond dal aan de Pine Creek. Deze zorgt ervoor dat het plaatsje als een oase in het omliggende woestijnachtige gebied ligt. Er wordt heel veel hooi verbouwd en ook wat graan. Het meeste graan staat nog op het land en is nog lang niet geschikt om te oogsten. Hieraan zie je de grote verschillen in dit land: toen ik begin juni door Kansas fietste waren ze daar zo goed als klaar met de oogst en hier moeten ze nog beginnen. Je ziet hier trouwens veel luzernen (een soort klaver voor het vee), ik zag zelfs een akker met rogge.
Pas
 |
| Pass road |
Direct als je het dal uitfietst, wordt het dramatisch droger. Binnen tweehonderd meter zit je van sappig weiland in extreem droog grasland. Bizar bijna, maar het illustreert wel hoe belangrijk water is. De pasweg klimt langzaam maar geleidelijk omhoog. Na negen kilometer en anderhalf uur fietsen sta ik om negen uur boven op 1118 meter. De mannen van de ACA-groep zijn ondertussen al allemaal voorbij gekomen, maar ja, ik moet af en toe kijken, een foto nemen, 's met iemand kletsen. Denk maar niet dat het geen hard werken is, zo'n sabbatsverlof! Vlak voor de pas is een scherpe haarspeldbocht. In de bocht is een grafmonumentje voor een motorrijder met fleurige kunstbloemen, een Amerikaanse vlag en z'n helm. Deze is onbeschadigd. Niet vaak genoeg gedragen?
Moord en doodslag
 |
| Powder River |
Na de pas gaat het hard naar beneden,met 45 per uur door de haarspeldbochten naar Richland. Daar staan negen fietsen tegen de muur van een restaurantje. Dit moet 'The place to be' zijn, dus ik zet fiets nr. 10 ernaast. De mannen zijn klaar met hun tweede ontbijt en vertrekken; ik blijf nog even kletsen met de serveerster. Met afgrijzen verneemt ze dat ik deze tocht in mijn eentje doe. 'Nee toch? Weet je wel hoe gevaarlijk dat is? Heb je geen geweer bij je? Nee? Maar je zou zomaar bestolen, verkracht of vermoord kunnen worden!' Als ik haar uitleg dat ik tot nog toe eigenlijk alleen maar aardige Amerikanen ben tegengekomen, schudt ze ongelovig haar hoofd. 'Ja, hier in de buurt zijn de mensen wel aardig, maar dat is niet overal zo. Blijf maar dicht bij die mannen in de buurt, dan kunnen zij voor je zorgen.'
Na dit gesprek rijd ik opgewekt verder. De route volgt nu de Powder river. Richland is een soort kopie van Halfway: ook een vruchtbare, groene hoogvlakte die helemaal ingesloten wordt door bergen en als je naar boven rijdt, is alles dor en droog. En heet! Met het verstrijken van de tijd, stijgt ook het kwik tot ruim boven de 35 graden. Maar wat is het mooi! Duizend kleuren oker, geel, bruin en groen waar de rivier stroomt. De hitte trilt boven het asfalt. De bergen zijn hier allemaal met grond bedekt en begroeid, maar daaronder zit basalt. En ook in dit gebied is de aarde constant in beweging. In 1984 is hier een enorme 'land slide', geweest waarbij een deel van een berg Highway 86 bedolf en honderden mensen isoleerde. Er is toen zoveel puin en grond naar beneden gekomen dat, als je dat allemaal in vrachtwagens zou vervoeren, je een file vrachtauto's zou hebben van Baker City naar New York en terug! In totaal 10 miljoen yard2 aan puin en rotsen. De highway is nu herbouwd boven de resten van de landslide. Huiveringwekkend als je zo naar boven kijkt waarvandaan alles naar beneden kwam. Ik hoop die ie het vandaag nog houdt!
Fata morgana
Tientallen kilometers van te voren wordt er met borden aangekondigd dat er aan de weg wordt gewerkt. Dat hadden we onderweg ook al gehoord. Hier doen ze aan 'chip & seal'. Dat gaat zo: je neemt een weg die perfect berijdbaar is voor fietsers, maakt de toplaag kapot, brengt er een laag teer op aan en die bedelf je vervolgens onder de gravel. Heel veel gravel. Dat spul moet hier reuze goedkoop zijn, want ze gebruiken het in genereuze hoeveelheden. Het gevolg is een weg waar je als fietser door het gravel ploetert en van iedere auto die voorbij komt een fijne stofwolk meekrijgt. Plus zo hier en daar een steentje dat tegen je lijf spat. Ik krijg er twee vol in mijn gezicht. Een boeiende ervaring al met al! En het is warm. Om niet te zeggen heet.
 |
| 'Sure thing,' |
Opeens rijdt er een truck voorbij met het Pepsi logo groot op de zijkant. Een fata morgana? Nee, het is echt een vrachtwagen vol met kostelijke Pepsi. Ik roep 'm nog na: 'Kun je niet even wachten, ik ben een klant hoor,' maar ja, hij rijdt gewoon door. Ik ook. Ik moet wel. Na ongeveer een kilometer staat de Pepsi-truck braaf op me te wachten. Nou ja, eigenlijk niet op mij, hij moet wachten voor het stop-bord van de ploeg die aan de weg aan het werken is. Ik stop naast het raampje van de chauffeur en groet hem. 'Heb je niet een blikje Pepsi over?' 'Sure thing,' antwoordt Erin (37) en hij klimt uit z'n auto. 'Maar vind je het dan niet erg dat het niet koud is?' 'Nou nee, als het maar nat is!' Erin vertrekt, mij achterlatend in een stofwolk maar met de lekkerste Pepsi ooit. Drink meer Pepsi mensen, vergeet dat andere merk, Pepsi moet je hebben!!!
Werken aan de weg
 |
| 'You're doing great,' |
Sue (28) houdt het stopbord vast. 'Ik sta hier 12 of 13 uur per dag en woon een uur rijden hier vandaan.' Als ik haar vraag hoe ze dat vindt, zegt ze: 'Dit verdient goed. Wij krijgen $36 per uur omdat het een project van de overheid is. Normaal zouden we $10 per uur verdienen. En ik ben zo blij dat ik een baan heb!' Ik ben er stil van. Als ik langzaam mijn weg zoek door de tien kilometer verse overvloedige gravel, zie ik steeds dezelfde chauffeurs voorbij komen die het spul komen brengen. Na verloop van tijd zwaaien ze allemaal. Eentje stopt en zegt: 'Verderop wordt het wat lastiger voor je, maar ik heb de collega's alvast over de radio gezegd dat je er aan komt en ze helpen je wel.' Wat ook gebeurt. Het is hartverwarmend zoals die mannen en vrouwen in hun grote machines allemaal op mij letten en moeite doen om met een grote boog om me heen te rijden zodat ik niet in het stof rijd. 'You're doing great,' roept een van de meiden op een wals. Klasse toch?
 |
| De coyote: hij zit er echt!! zie stipje midden in beeld |
Even verderop is een coyote druk doende muizen te vangen in het veld beneden aan de rivier. Hij springt met alle vier z'n poten omhoog en duikt dan met z'n snuit het muizenhol in. Ik neem de verrekijker om hem 's goed te bekijken en op een gegeven moment heeft hij mij ook in de gaten. Hij gaat liggen en begint op zijn beurt mij te bestuderen. Eigenlijk een heel komisch iets zoals we elkaar daar aanstaren terwijl om ons heen trucks rijden en aan de weg gewerkt wordt.
Afzien
 |
| De woestijn en nergens schaduw |
 |
| Maar mooi.... |
 |
| De weg is eindeloos |
Daarna is het afzien. Ik kan er geen ander woord voor vinden. De 130 kilometer van gisteren zit nog in mijn benen en het drinken dat ik bij me heb is warm. Bovendien heb ik niet genoeg bij me. Stom, stom! Langzaam ploeter ik naar boven en iedere keer weer opnieuw moet ik meters prijsgeven omdat de weg weer naar beneden gaat. Het waait hard.Tegenwind.
Het landschap is semi-woestijn. Het is gortdroog en er is nergens, maar dan ook nergens ook maar een milimeter schaduw te bekennen.
Ik haal trucs uit om de tijd te doden. In mijn hoofd speel ik een film af. Dan nog een keer maar met een ander plot. Als ik dat gedaan heb, mag ik van mezelf op de GPS kijken hoeveel kilometer ik heb afgelegd. Iedere vijf kilometer eet ik een paar happen. Niet dat ik honger heb, maar als ik dat niet doe gaat het licht uit. Dan een paar slokken drinken. Het water is heet. Er rijden allemaal auto's voorbij die vast en zeker grote hoeveelheden koel water bij zich hebben. Op een gegeven moment heb ik het gehad en steek mijn bidon omhoog naar de passerende auto's. Niemand stopt. Kom op, Lena, fietsen! Jij hebt besloten dat je dit wilt.
Oregon trail
Een kilometer of veertien voor Baker City, na de Flagstaff hill, is het Oregon Interpretative Center. Het moet een prachtig museum zijn over het Oregon trail. Maar... het ligt bovenop een heuvel en is alleen bereikbaar via een steile dirt road. Ik rijd het pad een eindje op en keer dan terug naar de highway. Dit is gekkenwerk, het is al laat en ik heb weinig drinken meer. Met spijt in het hart rijd ik verder naar Baker City. Bij het eerste beste benzinestation stort ik naar binnen. De afgelopen tien kilometer had ik geloof ik alleen nog maar visioenen van wat ik hier zou drinken. De keuze is beperkt dus wordt het een grote Pepsi met heel veel ijs. De oude dame achter de kassa is helemaal bezorgd. 'Gaat het wel kind?' Ja, het gaat prima. Dit is een geweldige rit - ben alleen een beetje dorstig... Ze geeft me een grote beker Pepsi extra en nog een flesje ijskoude melk, zomaar, voor niks. Wat een lieve mensen ontmoet ik toch!
 |
| Friendly Old Bill |
Ik drink het buiten in de schaduw op en ontmoet daar F.O.B. (87). Friendly Old Bill is met zijn camper en zijn hond onderweg naar zijn kleinkinderen, tweeduizend kilometer verderop. Hij is verdrietig want zijn vrouw en stiefdochter zijn allebei dit voorjaar gestorven in een tijdsbestek van drie dagen. 'Mijn Kathleen was van binnen net zo mooi als van buiten.' Hij laat me foto's zien. Inderdaad: het moet een hele mooie vrouw geweest zijn. Ik luister naar zijn verhaal. Soms is luisteren meer dan genoeg. Bill besluit zijn verhaal met de woorden: 'Maar de tweede helft van dit jaar wordt zeker beter, ik voel het.' Bij het weggaan geeft hij me een zilveren dollar met de beeltenis van Washinton erop 'dit was de enige president die een stuiver waard was!' Hij sloft weg. Op de camping tref ik de mannen van de ACA-groep weer. Zij zijn er al uren. Het is een hartelijk weerzien en ik krijg een plekje temidden van hun tenten. Dat doet me echt goed. Daarna lig ik in de hot tub om uit te puffen. Energie om te koken is er niet meer. Morgen een rustdag, yeah!!
Ben zeer onder de indruk!
BeantwoordenVerwijderenIngeburgerd bent u ook nog niet he, op pad in Amerika zonder geweer... Schande! ;)
BeantwoordenVerwijderen86 Kilometer in 11 uur, dat lukt bijna met een beetje stevig doorwandelen ook nog. Zo rustdag morgen lijkt me dan ook wat overdreven....
BeantwoordenVerwijderen